![]() |
|
|||||
Korte samenvattingDe houdbaarheid van de pensioenstelselsDe modernisering van onze pensioensystemenDe wettelijke pensioenenDe aanvullende pensioenenDe ouderen in onze samenleving
|
De aanvullende pensioenenAanvullende pensioenen en individueel pensioensparenWe onderscheiden drie pijlers binnen ons pensioensysteem. De hierboven bestudeerde eerste pijler bestaat uit de wettelijke pensioenstelsels, waar alle werknemers, zelfstandigen en ambtenaren verplicht bij zijn aangesloten. De tweedepijlerpensioenen zijn gelieerd aan het werk en worden georganiseerd op het niveau van de onderneming, de bedrijfstak of de beroepsgroep. De derde pijler ten slotte onderscheidt zich van de tweede pijler door het feit dat elk individu, ongeacht zijn beroepsstatuut, er vrij aan kan deelnemen en van belastingverlagingen kan genieten. Het aanvullend pensioen, waarbij de klemtoon ligt op kapitalisatie, vormt een aanvulling op het wettelijk pensioen, dat in het kader van de sociale zekerheid wordt samengesteld. Het wordt toegekend aan de werknemer die via een arbeidsovereenkomst gebonden is, op basis van verplichte stortingen die worden bepaald in een pensioenreglement of in een bedrijfs- of sectorpensioenovereenkomst. Voor de zelfstandige wordt dit pensioen samengesteld door stortingen in overeenstemming met een pensioenovereenkomst. De zelfstandige bedrijfsleider heeft de mogelijkheid om dit pensioen volgens specifieke technieken (beschreven in Titel III van dit rapport) op te bouwen. Wat de principes betreft, heeft er altijd al een controverse geheerst over de respectieve rol die het wettelijk pensioen enerzijds en het aanvullend pensioen anderzijds moeten spelen. Deze controverse lijkt momenteel voorbijgestreefd, voor zover de meeste sectoren tegelijkertijd pleiten voor een uitbreiding van de eerste pijler en een democratisering van de tweede pijler. Wat in de wetgeving en reglementering in de tweede pijler opvalt, is de veelheid en complexiteit van de stelsels; het gevolg is dat de eigenschappen, de sociale, fiscale en prudentiële regels, de voordelen, de dekkingspercentages en de informatie- en overlegregels over het algemeen niet goed gekend zijn. Daarom was er nood aan een gedetailleerd beeld van de middelen die inzake aanvullend pensioen worden gebruikt, en de economische, financiële en fiscale impact daarvan. Dat proberen we te realiseren in deel I van Titel III, dat is gewijd aan de tweede pijler, zowel voor de werknemers als voor de zelfstandigen. Er wordt een zo nauwkeurig en volledig mogelijke stand van zaken opgemaakt van de stelsels, de dekking, de types van uitkeringen, de types van beleggingen, de prudentiële regels, de bescherming die door de WAP en de WAPZ wordt voorzien, de informatieverstrekking en de communicatie ten overstaan van de aangesloten. Ook voor de derde pijler, die op individuele basis wordt samengesteld, geeft het rapport een samenvattende beschrijving van de instrumenten (hoofdzakelijk voor pensioensparen en sparen op lange termijn) en van de prudentiële regels in dit verband. De sociale bijdragen en fiscaliteit met betrekking tot de tweede en derde pijler worden afzonderlijk onderzocht. Dit algemene onderzoek van de aanvullende pensioenen van de tweede en derde pijler wordt afgesloten met een reeks algemene en bijzondere vragen, bijvoorbeeld over de vervangingsratio, het relatieve gewicht van de pijlers, de afgeleide rechten, de aard van de beleggingen, de rendementswaarborg, de verschillen in behandeling tussen de stelsels die van toepassing zijn op de zelfstandigen en de werknemers, de 80 %-regel en de controle daarop, de transparantie van de informatie, de technische en administratieve vereenvoudiging, enz.
|
|
||||
|
||||||